Tactische fouten bij actie Uruzgan PDF Print E-mail
Geschreven door Eelco   
dinsdag, 19 februari 2008 18:46
 
Marc van de Kuilen
DEN HAAG
 -  Een combinatie van omstandigheden en tactische fouten heeft ertoe geleid dat twee Nederlandse militairen in Uruzgan werden gedood en één Nederlander ernstig gewond raakte door vuur van eigen troepen. Twee Afghaanse militairen werden doodgeschoten door Nederlanders, omdat zij niet herkenbaar waren door de dekens die zij hadden omgeslagen vanwege de kou.

Dat blijkt uit een onderzoek dat Defensie heeft laten verrichten naar de fatale gebeurtenissen in het weekend van 12 en 13 januari. Minister Eimert van Middelkoop (Defensie) heeft dat dinsdag gemeld in een brief aan de Tweede Kamer.

Bekend was al dat de vier gesneuvelden het slachtoffer waren van 'friendly fire'. Dat gebeurde tijdens een verkenningsoperatie (Kapcha As) ten noorden van Deh Rawod, waar de Taliban alom aanwezig was en af en toe aanviel.

Commandant der Strijdkrachten Dick Berlijn heeft de 20-jarige soldaat Marc van de Kuilen, die zijn benen moet missen, zelf „het verschrikkelijke nieuws” verteld dat ook hij getroffen was door eigen vuur. Volgens Berlijn is een duidelijk beeld ontstaan van de schietpartijen, nadat beelden die Apaches hadden gemaakt boven het gebied, waren geanalyseerd.

De weersomstandigheden waren slecht: het was zeer koud en uitzonderlijk donker. Daardoor werkte niet alle nachtzichtapparatuur. Tijdens de operatie trokken de A- en de C-compagnie gescheiden van elkaar op in van tevoren vastgestelde routes. Zij wisten van elkaar waar zij waren en aan het eind van de dag bevonden ze zich op 800 meter afstand van elkaar. Zij richten posten op, onder meer op daken van ommuurde huizen (qala's).

Op dat moment werden clubjes Taliban gezien. Aldert Poortema en Wesley Schol zaten in de C-compagnie en werden uiteindelijk geraakt door 25 mm-projectielen van een YPR-pantservoertuig van de andere eenheid. Omgekeerd werd een half uur later Van de Kuilen uit de A-eenheid getroffen door een YPR van de andere club. Zij werden aangezien voor vijandelijke strijders.

Berlijn concludeert dat een aantal tactische procedures niet of niet volledig is uitgevoerd. Het ging om maatregelen ter voorbereiding op de nacht, procedures om het doel te bepalen en om beperkingen om wapens met een lange dracht in te zetten. Zo was er sprake van een communicatiefout tussen de schutter en de bevelhebber op de YPR zodat een verkeerd doel werd beschoten.

Berlijn wil van de commandanten weten waarom besloten is de procedures anders te doen. „Misschien hadden ze daar op dat moment een goede reden voor.” De commandant stelde dinsdag dat als alle procedures goed waren opgevolgd „de kans geringer was” dat deze gebeurtenissen zo hadden plaatsgevonden.

Hij waakt er echter voor personen aan te wijzen die mogelijk fout zaten. Het onderzoek gaat naar het Openbaar Ministerie in Arnhem.